![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Trachelectomie voor kleine IB |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Dr. R.H.M. Verheijen, gynaecoloog, Academisch Ziekenhuis Vrije
Universiteit
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
De
incidentie van cervixcarcinoom op jongere, d.w.z. fertiele leeftijd, neemt
de laatste jaren eerder toe dan af. Gelukkig wordt de meerderheid van de
gevallen gediagnosticeerd in een vroeg, curatief te behandelen, stadium.
Deze epidemiologische ontwikkelingen maken dat er behoefte bestaat aan de
mogelijkheid tot meer beperkte en aangepaste chirurgische benadering die
zo mogelijk de fertiliteit intact laat. De
vaginale/radicale behandeling van het cervixcarcinoom werd aan het begin
van deze eeuw geïntroduceerd door Schuchardt en Schauta [1] en staat in
hernieuwde belangstelling door de ontwikkeling van de laparoscopische
pelviene lymfadenectomie. Door de radicale ingreep verder te beperken tot
de cervix is een uterus sparende behandeling van cervixcarcinoom mogelijk
zonder afbreuk te doen aan de oncologische principes van radicaliteit en
verwijdering van eerste lymfklierstations. In
1999 beviel de eerste patiënte in Nederland die voor cervixcarcinoom
stadium Ib is behandeld met laparoscopische lymfklierdissectie gevolgd
door radicale trachelectomie. Op haar verzoek was patiënte door ons
verwezen naar prof. D. Dargent te Lyon, die de ingreep verrichtte. Aan het
einde van de trachelectomie werd een hoge cerclage aangelegd, waarna de
vaginatop weer aan de cervix werd gehecht. Patiënte werd vlot daarna
zwanger maar moest toen gecuretteerd worden voor een missed abortion. In
de daarop volgende graviditeit beviel alhier à terme per sectio caesarea.
In de toekomst is te verwachten dat patiënten met cervixcarcinoom, ook in
Nederland, vaker om een dergelijke fertiliteit sparende behandeling zullen
vragen. Het lijkt daarom opportuun om hieraan thans een bespreking te
wijden. Geschiedenis Het
betreft in deze gevallen steeds het verwijderen van een al dan niet geëlongeerde
cervix. Onder trachelectomie, zoals geïntroduceerd door Dargent wordt een
meer uitgebreidere ingreep verstaan waarbij de parametria, zoals bij een
Schauta operatie, eveneens worden meegenomen. Dargent spreekt zelf dan ook
van een radicale trachelectomie [5]. Op
dit moment zijn er in Europa en Noord-Amerika een tiental klinieken waar
deze ingreep met enige regelmaat verricht wordt en die resultaten hebben
gepubliceerd (zie tabel I). Techniek De
radicale trachelectomie wordt vaginaal uitgevoerd: niet alleen lijkt dit
de eenvoudigste toegangsweg tot the cervix, ook geeft dit een optimale
benadering en derhalve beste resectie van de parametria. Smith en
medewerkers hebben echter reeds enkele malen gerapporteerd over de
mogelijkheid om de trachelectomie abdominaal uit te voeren, waarbij eerst
de arteriae uterinae worden doorgenomen om toegang tot de cervix en
parametria te krijgen, waarna aan het einde van de ingreep deze vaten weer
gereanostomoseerd worden met microchirurgische technieken [8]. Afgezien
van het feit dat de abdominale weg oncologisch gezien niet de optimale weg
is, lijkt ook de hiermee noodzakelijkerwijs gepaard gaande vaatchirurgie
de ingreep onnodig te compliceren. Het is dan ook niet verwonderlijk dat
deze ingreep slechts een enkele keer met succes daadwerkelijk is
uitgevoerd door een van de medeauteurs, Ungar te Budapest. Schauta
prees voor de vaginale radicale hysterectomie de Paravaginalschitte
of Scheidendammschnitte van zijn leermeester Schuchardt aan. Ook
voor een radicale trachelectomie kan deze expositie, bij ons beter bekend
als Schuchardtse incisie, van nut zijn. In veel gevallen is deze toch
mutilerende snede van vaginazijwand en nates echter niet nodig. De
vaginatop wordt op ruime afstand van de cervix omsneden en de manchet
wordt in klemmen over de (tumoreuze) cervix heen gevat. Vervolgens worden
de paravesicale en pararectale ruimten vrijgelegd, waarbij de blaaspijlers
worden doorgenomen. Hierna worden de ureterknieën zichtbaar en kunnen
deze naar craniaal worden geprepareerd. De parametria kunnen dan worden
doorgenomen tegen de bekkenwand, erop toeziend dat de arteriae uterinae
die craniaal hiervan, c.q. hierin lopen niet beschadigd worden. De
vaginale takken van de arteriae uterinae moeten natuurlijk worden
doorgenomen. Vervolgend wordt de cervix circa 1 centimeter onder het
ostium internum (diathermisch) afgesneden. Bij het bewerken van haemostase
moet erop worden toegezien dat het endocervicale kanaal zelf niet
gecauteriseerd wordt. Tenslotte wordt een cerclage met onoplosbaar
hechtmateriaal zo hoog mogelijk ter hoogte van of net boven het ostium
internum gelegd en de vrije vaginawand in de cervixrand gehecht met behulp
van een gemodificeerde Sturmdorff hechting. Indicatiestelling In
principe komen alle gevallen van cervixcarcinoom waarvoor een indicatie
tot radicale hysterectomie gesteld is in aanmerking voor radicale
trachelectomie indien behoud van de fertiliteit gewenst is. Een
uitzondering wordt gevormd door de zogenaamde bulky tumoren (stadium
Ibii) die niet voor deze operatie in aanmerking komen. Hoewel de
toegankelijkheid van de parametria via de vaginale weg juist optimaal is
wordt een trachelectomie in deze gevallen toch afgeraden in verband met de
grote kans op doorgroei in de cervix waardoor de kans op resttumor in de
cervixstomp bestaat. Binnen stadium Ibi wordt om diezelfde reden dan ook
aangeraden alleen patiënten met een tumor kleiner dan 2 cm te opereren. In
feite zal dus een zorgvuldige indicatiestelling moeten plaatsvinden,
alvorens tot deze aangepaste radicale operatie te besluiten (zie tabel
II). Ter discussie kan staan of patiënten met zwangerschapswens, maar
aanwijzingen voor infertiliteit hiervoor in aanmerking moeten komen [10].
Hoewel sommigen patiënten uitsluiten die een voorgeschiedenis hebben die
wijst op infertiliteit, lijkt dit toch niet gerechtvaardigd gezien de
huidige mogelijkheden van geassisteerde voortplanting. Belangrijker is dat
de ingreep in oncologische zin adequaat en veilig kan worden uitgevoerd. De
groep uit het St. Bartholomews Hospital, London, heeft laten zien dat
in hun serie van 30 patiënten een rol is weggelegd voor magnetische
resonantie imaging (MRI) bij de preoperatieve selectie van patiënten voor
trachelectomie [12]. De ingroei
in myometrium en de plaats van de tumor ten opzichte van het ostium
internum kunnen met behulp van deze afbeeldingstechniek betrouwbaar
bepaald worden (Sensitiviteit 100%, Specificiteit 96%). In deze studie
werd weer eens bevestigd dat ook MRI niet geschikt is voor het onderkennen
van lymfkliermetastasen (Sensitiviteit 0%, Specificiteit 96% als 1 cm
wordt aangehouden als kritische maat voor lymfklieren en respectievelijk
57% en 83% als 0,5 cm hiervoor wordt aangehouden). Effectiviteit
in oncologische zin. Een
mogelijke bias bij deze vergelijking is wel dat er in deze eerste series
een strenge selectie van patiënten heeft plaatsgevonden met wellicht een
grotere nadruk op patiënten met een betere prognose. Dit komt
bijvoorbeeld tot uiting in het relatief hoog percentage patiënten dat géén
resttumor blijkt te hebben in het trachelectomiepreparaat (> 50 % in de
serie uit Quebec) [10]. De
gescheiden procedure van laparoscopische lymfadenectomie laat goede
evaluatie van de lymfklierstatus toe zodat in principe geen patiënten met
lymfkliermetastasen een trachelectomie (hoeven te) ondergaan. Sommigen
laten vriescoupes beoordelen om direct aansluitend aan de laparoscopie de
vaginale procedure te verrichten, maar anderen prefereren te wachten op
een definitieve histologische beoordeling en plannen de ingreep in twee
zittingen. Effectiviteit
in obstetrische zin. Voor
het behoud van de zwangerschap bleek het, nadat 4 van de eerste 12 door
Dargent geopereerde patiënten een late abortus of partus immaturus hadden
meegemaakt, noodzakelijk aan het einde van de operatie een profylactische
cerclage aan te leggen. Zelf propageert Dargent sinds enige tijd zelfs om
in het tweede trimester de cervix geheel te sluiten volgens de zogenaamde
Muttermundverschluß-techniek van Saling [15]. Gezien de reeds goede
resultaten van zwangerschap met cervicale cerclage is het echter de vraag
of deze ingreep ook routinematig zou moeten geschieden. Het zou een
oplossing kunnen zijn vorpatiënten met een in deze groep toch frequent
voorkomende partus prematurus, al dan niet vanwege het afschuiven van het
bandje [10]. Zorg
is geuit ten aanzien van het beleid bij vroege en late abortus c.q. partus
immaturus indien een profylactische cerclage in situ is [16]. Voor een
abortus - spontaan of gecuretteerd, zoals ook eenmaal noodzakelijk bij
onze patiënte - bestaat geen belemmering. In het bijzondere geval dat de
zwangerschap misgaat in het derde trimester moet een hysterotomie gedaan
worden [11]. Het
is nog te vroeg om tot een conclusie te komen ten aanzien van de
fertiliteitskans na trachelectomie. Hoopvol is dat van het klein aantal
gepubliceerde gevallen waarbij zwangerschap werd nagestreefd, namelijk 38
vrouwen, er 18 een gezond kind hebben gekregen. Zelfs is een voldragen
zwangerschap beschreven bij een patiënte die na trachelectomie nog
adjuvant bestraald is ![17] Zeker gezien de nog korte follow-up en kleine
gepubliceerde series is deze baby-take-home-rate zeker bemoedigend
te noemen. Trachelectomie
voor kleine IB ? Voor
selecte gevallen van patiënten die aan een aantal criteria voldoen (zie
tabel II) zal hiermee een adequate oncologische behandeling gepaard kunnen
worden aan behoud van fertiliteit. Vooralsnog lijkt de techniek onder die
voorwaarden veilig en effectief voor deze. Het is te hopen dat er dusdanig
grote series worden opgebouwd dat uiteindelijk ook een uitspraak gedaan
kan worden over de effectiviteit van deze gemodificeerd radicale operatie
ten opzichte van de conventionele radicale hysterectomie. De techniek kan
dan ook beter voorbehouden blijven aan centra, hier of in het buitenland,
die aan zulke series kunnen bijdragen. Tabel
I
nv
= niet vermeld Tabel
II Schauta
F.
Totalextirpation des Uterus bei Kolumkarzinom. Wien & Leipzig: afá_,
1908 Wertheim
E. Die operative
Behandlung des Prolapses mittelst Interposition und Suspension des Uterus.
Berlin: Springer, 1919 Krebs
HB, Wilstrup MA, Wheelock JB.
Partial trachelectomy in the elderly patient with abnormal cytology.
Obstet Gynecol 65:579-84, 1985 Nezhat
CH, Nezhat F, Roemisch M, Seidman DS, Nezhat C.
Laparoscopic trachelectomy for persistent pelvic pain and endometriosis
after supracervical hysterectomy. Fertil Steril 66:925-8, 1996 Dargent
D, Brun JL, Roy M, Mathevet P, Remy I. La trachélectomie élargie.
Une alternative à lhystérectomie élargie radicale dans le traitement
des cancers infiltrants développés sur la face externe du col utérin. J
Obstet Gynécol 4: 285-292, 1994(a) Burger
CW, Garibyan H, Verheijen RHM, Horenblas S. Laparoscopische
chirurgie in de oncologische gynaecologie: een nieuw indicatiegebied ?
Ned Tijdschr. Obstet Gynaecol 1995; 106: 111-113 Dargent
D, Mathevet P.
Schautas vaginal hysterectomy combined with laparoscopic
lymphadenectomy. Clin Obstet Gynaecol 9:691-705,1995 Smith
JR, Boyle DC, Corless DJ, Ungar L, Lawson AD, Del Priore G, McCall JM,
Lindsay I, Bridges JE.
Abdominal radical trachelectomy: a new surgical technique for the
conservative management of cervical carcinoma. Br
J Obstet Gynaecol 4:1196-200, 1997 Dargent
D.,
persoonlijke mededeling. Wordt gepubliceerd in Cancer Roy
M, Plante M. Pregnancies
after radical vaginal trachelectomy for early-stage cervical cancer. Am J
Obstet Gynecol 179: 1491-1496, 1998 Shepherd
JH, Crawford RAF, Oram DH.
Radical trachelectomy: a way to preserve fertility in the treatment of
early cervical cancer. Br J Obstet Gynaecol 105: 912-916, 1998 Peppercorn
PD, Jeyarajah AR, Woolas R, Shepherd JH, Oram DH, Jacobs IJ, Armstrong P,
Lowe D, Reznek RH.
Role of MR imaging in the selection of patients with early cervical
carcinoma for fertility-preserving surgery: initial experience. Radiol
212: 395-399, 1999 Covens
AL, Shaw P.
Is radical trachelectomy a safe alternative to radical hysterectomy for
early stage IB carcinoma of the cervix ? Proc. Thirtieth Annual Meeting of
the Soc Gynecol Oncol, San Francisco, 20-24.3.99, 1999 Dargent
D, Brun JL, Roy M,Remy I. Pregnancies
following radical traqchelectomy for invasive cervical cancer. (abstract)
Gyn Oncol 52: 105, 1994(b) Dargent
D. The
story of madame M. Proc. Thirtieth Annual Meeting of the Soc Gynecol
Oncol, San Francisco, 20-24.3.99, 1999 Jelsema
RD.
Pregancy after radical vaginal trachelectomy. (Letter) Am J Obstet Gynecol
181: 229-230, 1999 Martin
XJB, Golfier F, Romestaing P, Raudrant D.
First case of pregnancy after radical trachelectomy and pelvic
irradiation. Gynecol Oncol 74: 286-287, 1999 Jones
WB, Mercer GO, Lewis JL, Rubin SC, Hoskins WJ.
Early invasive carcinoma of the cervix. Gynecol Oncol 51: 26-32, 1993 Schneider
A, Krause N, Kühne-Heid R, Nöschel H. Erhaltung der Fertilität bei
frühem Zervixkarzinom: Trachelektomie mit laparoskopischer
Lymphonodektomie. Zentralbl
Gynäkol 118: 6-8, 1996 Roy
M, Plante RM. Pregnancies after radical vaginal trachelectomy for
early-stage cervical cancer. American
Journal of Obstetrics & Gynecology. 179 (6Pt 1):1491-6,1998 N=30 Possover
M, Krause N, Plaul K, Kuhne-Heid R, Schneider A. Laparoscopic para-aortic
and pelvic lympadenectomy: experience with 150 patients and review of the
literature (50 refs) Gynecologic
Oncology. 71(1):19-28, 1998 Oct N=2 Shepherd
JH, Crawford RA, Oram DH. Radical trachelectomy: a way to preserve
fertility in the treatment of early cervical cancer. British
Journal of Obstetrics & Gynaecology 105(8):912-6, 1998 Aug. N=10 Plante
RM, Renaud MC, Tetu B. Vaginal radical hysterectomy versus abdominal
radical hysterectomy in the treatment of early-stage cervical cancer. Gynecologic
Oncology. 62(3):336-9, 1996 Sep. Schneider
A, Krause N, Kuhne-Heid R. Noschel H. Preserving fertility in early cervix
carcinoma: trachelectomy with laparoscopic lymphadenectomy Zentralblatt
fur Gynakologie. 118(1):6-8, 1996 Convens
AL, Shaw P. Is radical trachelectomy a safe alternative to radical
hysterectomy for early stage Ib carcinoma of the cervix? SGO,
San Francisco, 20-24.03.1999 (p. 28)
Vragen
bij: Trachelectomie voor kleine IB 1. A.
Juist Antwoord:
B (onjuist) 2. A.
Juist Antwoord:
B (onjuist)
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||