|
terug
Standpunt
Dutch Menopause Society
betreffende The Million Women Study, Lancet 2003, 362:419-27
De afgelopen dagen is er in de landelijke pers uitvoerig aandacht
besteed aan het gebruik van hormonen en de verhoogde kans op borstkanker.
Dit naar aanleiding van de Million Women Study. De Million Women Study
betreft een epidemiologische studie waarin 1.084.110 vrouwen tussen 50-64
jaar deelnamen. De studie startte in 1996 en liep tot 2001. De gemiddelde
follow-up periode bedroeg 4 jaar.
Deze vrouwen waren opgeroepen om in het kader van het 3-jaarlijks
bevolkingsonderzoek een mammografie (röntgenologisch borstonderzoek) te
ondergaan. Zij werden gevraagd een vragenlijst in te vullen o.a.
betreffende hormoongebruik.
De resultaten van deze studie suggereren dat het gebruik van alleen
oestrogenen en de combinatie van oestrogenen en progestagenen, beide
hormonen worden geproduceerd in de eierstokken van menstruerende vrouwen,
en ook het medicament tibolon (Livial) een verhoogd risico geven op het
ontstaan van borstkanker. Bovendien wordt een verhoogd risico op het
overlijden ten gevolge van borstkanker gevonden.
In vergelijking met niet-hormoon gebruiksters, die een borstkanker
frequentie hebben van 32 per 1000 vrouwen, werd de toename na 5 jaar
gebruik van alleen oestrogenen geschat op 0-3, van de combinatie
oestrogeen en progestageen op 5-7 en tibolon 0-7 nieuwe gevallen van
borstkanker per 1000 vrouwen. Van de vrouwen die nooit hormonen
gebruikten overleden omgerekend 61 per 100.000 vrouwen aan borstkanker.
Voor hormoongebruiksters nam dit aantal met 6 per 100.000 vrouwen toe.
Opvallend is dat de auteurs aangeven dat ten gevolge van het
hormoongebruik in Engeland in de laatste 10 jaar 20.000 extra gevallen
van borstkanker optraden. Deze conclusie wordt gebaseerd op de
veronderstelling dat de studiepopulatie representatief is voor de gehele
Engelse bevolking. Dit wordt echter tegengesproken door het feit dat in
vergelijking met de gehele Engelse bevolking in deze studie 2 maal zoveel
hormoongebruiksters en juist de helft zo weinig borstkanker voor kwam.
Bovendien vermelden de auteurs niet dat het risico op het niet ontstaan
van borstkanker tijdens het hormoon gebruik daalde van 99,3% tot 98,9%,
voorwaar minder alarmerende getallen.
Conclusie
De gemiddelde follow-up periode bedroeg 4 jaar. Voor de meeste vrouwen
was de hormoonbehandeling te kort om vast te stellen of hormonen
werkelijk borstkanker doen ontstaan, immers de eerste borstkanker cel
doet er ongeveer 10 jaar over om uit te groeien tot een waarneembare
tumor op de borstfoto's. Derhalve kan geconcludeerd worden dat de
borstkanker reeds aanwezig was bij 79% van de hormoongebruiksters, immers
slechts 21% van de vrouwen gebruikten de hormonen meer dan 10 jaar. Het
is bekend dat hormoongebruik aanwezig tumorweefsel stimuleert, waardoor
deze eerder opgemerkt kan worden. Zou hormoongebruik borstkanker
veroorzaken, dan zou ook na het stoppen van de therapie er in die groep
meer borstkanker moeten voorkomen dan in de groep die nooit hormonen
gebruikten en dit was niet het geval.
De Million Women Study bevestigt bevindingen uit eerder onderzoek, dat
zeer langdurig hormoongebruik voor overgangsklachten het risico op borstkanker
met enkele gevallen per 1000 gebruiksters verhoogt. Het verhoogde risico
door alcoholgebruik en overgewicht is overigens nog altijd groter.
Paniek dient voorkomen te worden onder vrouwen die hormonen gebruiken.
Het advies om daarmee direct te stoppen is niet terecht. De meeste
vrouwen in Nederland gebruiken immers hormonen kortdurend en op de
indicatie overgangsklachten.
Bij het starten en continueren van hormoonbehandeling, dient de
indicatie afgewogen te worden tegen de potentiële risico's. In deze
afweging verdient de voorkeur van de vrouw ook een plaats. Het
voorschrijven van hormonen uitsluitend ter voorkoming van hart- en
vaataandoeningen dient vermeden te worden. Indien voorkoming van
botontkalking de reden voor hormoongebruik is bij vrouwen zonder
overgangsklachten, dient overwogen te worden over te stappen op andere
medicamenten.
Namens het bestuur van de Dutch Menopause Society,
Jan H.N. Schram, voorzitter
Henk R. Franke, penningmeester
M. Jan van der Mooren, commissaris buitenland
Contactpersoon
Henk R. Franke, gynaecoloog
Medisch Spectrum Twente
Postbus 50000
7500 KA Enschede
tel: 053-4872000, mobiel: 06-51163621
e-mail: hfranke@xs4all.nl
10 augustus 2003
terug
|