Coloncarcinoom
Incidentie en risicofactoren
5-6% van alle vrouwen ontwikkelt een
coloncarcinoom in de loop van haar leven.
Het risico neemt toe met de leeftijd.
Voor 50 jaar is de aandoening zeldzaam. De gemiddelde leeftijd
bij ontdekken is 73 jaar.
Risicofactoren:
- Positieve familie anamnese;
- Dieet met veel vet en weinig vezels;
- Weinig lichaamsbeweging;
- Roken.
Het gebruik van oestrogenen vermindert de
kans op coloncarcinoom in een grote meta-analyse van
observationele studies met 33% (95% CI 0,59-0,77). Het grootste
deel van de vermindering wordt gevonden bij vrouwen die nog
steeds oestrogenen gebruiken (de zogenaamde current users).
In
het Women’s Health Initiative bleek het gebruik van hormoon suppletie
(continue combinatie van geconjugeerde equine oestrogenen
met medroxyprogesteronacetaat) een vermindering te
geven van de incidentie van coloncarcinoom met 37%.
Vroeger gebruik geeft slechts een geringe
niet significante vermindering van 7%.
Hypothetische mechanismen:
- minder galzuren en veranderde galsamenstelling;
- de aanwezigheid van oestrogeenreceptoren in de darmmucosa gaat gepaard met een betere prognose: het oestrogeenreceptor gen werkt als een tumorsuppressor. De activiteit van dit gen dooft uit met de leeftijd. Oestrogenen voorkomen deze uitdoving.
Referenties: [Nanda1999] , [Grodstein1999] , [Al-Azzawi2002] , [WritingGroup2002a]
Het
gunstige effect tijdens gebruik van oestrogenen is inmiddels bevestigd door gerandomiseerd onderzoek. In dat
onderzoek werd echter ook een toename van de incidentie van mammacarcinoom
gezien, die groter was dan de vermindering van het aantal vrouwen met
coloncarcinoom.
De preventie van coloncarcinoom is geen
indicatie voor oestrogeen therapie.