Veranderingen in de hormonale huishouding tijdens
de perimenopauze
Klinische
relevantie van de FSH-bepaling
Inhibin en de menstruele cyclus
Een sturende factor in de hormonale regulatie
is het inhibin. Inhibin remt de productie van FSH. Inhibin wordt
geproduceerd door de granulosacellen van de groeiende follikel en
van het corpus luteum.
Inhibin B vooral door de groeiende follikel van 1-10 mm, Inhibin A
door de grotere follikels en het corpus luteum.
Inhibin.
Inhibin in de perimenopauze
Wanneer het aantal follikels in het ovarium kleiner wordt, worden ook steeds minder follikels in iedere cyclus tot ontwikkeling gebracht en zal met name Inhibin B minder geproduceerd worden. Hierdoor wordt de productie van FSH minder geremd. FSH stijgt.
FSH is bij vrouwen van 40-45 jaar door de gehele cyclus hoger dan bij jonge vrouwen (20-25 jaar).
Follikel stimulerend hormoon.
Door de hogere FSH gaat de ontwikkeling van de follikel wat sneller en dit is de reden van de verkorting van de folliculaire fase en van de gehele cyclus. De oestradiol spiegel wordt bepaald door de ontwikkeling van de follikel en blijft lange tijd onveranderd.
Oestradiol
De oestradiolspiegel blijft lange tijd onveranderd, dank zij de sterkere stimulatie door het hogere FSH.
Oestradiol.
Referenties: [Sou1998f]
LH wordt niet beïnvloed en blijft nog zeer lang onveranderd.
Luteiniserend hormoon.
De oestrogeenspiegels gaan pas dalen in de laatste periode voor de menopauze.
FSH, LH, oestradiol en oestron rond de menopauze.
Oestrogeenspiegels in de perimenopauze
De gemiddelde oestrogeenspiegel gaat
ongeveer twee jaar voor de menopauze dalen.
De gemiddelde oestrogeenspiegel daalt pas
significant wanneer de cyclusduur langer dan 3 maanden wordt.
Deze twee conclusies uit longitudinale
onderzoeken zijn niet met elkaar in tegenspraak, maar vullen
elkaar aan.
Referenties: [[Ove1999a] ] , [Dud1998] , [Pri1998] up
De androgenen dalen na de menopauze slechts gering.
Androgenen rond de menopauze.
Androgenen worden gemaakt in bijnier en
in ovarium.
Androstenedion en testosteron zijn
precursors van oestron en oestradiol.
Na de menopauze blijft het ovarium
androgenen produceren.
Na dbz. ovariëctomie treedt een sterke
daling van de androgeenspiegel op.
Na ovariectomie daalt de productie van
androstenedion en van testosteron met 50%.
De androgenen worden in het stroma van
het ovarium gemaakt.
De hoge FSH spiegels spelen daarbij een
belangrijke rol.
Androgenen zijn de voorloper van oestrogenen. Na
de menopauze is de omzetting van androgenen in het vetweefsel de voornaamste
bron van oestrogenen.
Wegen van oestrogeenproductie in pre- en postmenopauze.
Referenties: [Ove1999c] , [Buc1997] , [Slu1998a] , [Jud1974a] ,[Jud1974b] , [Slu1995] up
Klinische relevantie van de FSH-bepaling
FSH wordt vaak bepaald met het oog op het
stellen van de diagnose (peri)menopauze.
Er zijn echter zulke sterke fluctuaties
in de FSH-spiegels dat de uitslag uitsluitend iets zegt over de
toestand op het moment van de bepaling, maar niets over de
toekomstige menstruaties.
De anamnese (leeftijd en cyclusduur)
geven meer informatie dan de FSH-spiegel,
zoals ook uit de volgende figuur is af te lezen..
Kans dat de LM de menopauze was in relatie tot amenorrhoe en
leeftijd.